alternative content

Meedoen

Ga naar Together to get there en Methode voor meer informatie over Together to het there.

Meedoen aan Together to get there: leuk en leerzaam.

  • je gaat als professional aan de slag met een door jou zelf gekozen onderwerp
  • je leert en ontwikkelt verschillende competenties:
    • presenteren
    • een gesprek leiden
    • mensen werven
    • mensen laten nadenken en activeren
    • interculturele communicatie
    • projectmatig werken
  • je levert een bijdrage aan een maatschappelijk onderwerp.

Wat ga je doen?

  • je kiest een thema: beeldvorming op het gebied van culturele diversiteit of participatie
  • je kiest een doelgroep: kennissen, familieleden, buurtbewoners of een andere doelgroep.
  • je maakt een plan van aanpak
  • je krijgt een uitgebreide training.
  • je organiseert twee (huiskamer)bijeenkomsten.
  • Tijdens de bijeenkomsten activeer je de deelnemers of maak je de groep bewust van bepaalde denkbeelden en ideeën die zij hebben.
  • bij de tweede bijeenkomst nodig je een professional en leg je een verbinding tussen professionals en de doelgroep.
  • je evalueert de bijeenkomsten en het project.
  • na afloop is er een afsluitende bijeenkomst en krijg je een certificaat van deelname.

Handboek

Bij deelname aan Together to get there, ontvang je een handboek met meer informatie. Op deze website vind je in het kort wat meer informatie over de verschillende fases van het project en veel voorbeelden. Als individu kun je niet meedoen aan het project. Het is de opleiding die bepaalt of en hoe het project op je school wordt uitgevoerd.

Voorbereiding

Plan van aanpak

Voordat je van start gaat, maak je eerst een plan van aanpak. Daarin geef je antwoord op de volgende vragen:

  • Wat is de doelgroep en wat is het thema?
  • Waarom is dit thema relevant voor de doelgroep?
  • Wat wil je hiermee bereiken?
  • Wat wordt op dit moment al gedaan in de gemeente op dit gebied (voorzieningen, subsidies, beleid)
  • Wat zegt huidig onderzoek over dit thema?

In het handboek vind je een uitgebreide beschrijving van het plan van aanpak.

Training

Voor elke bijeenkomst die je organiseert, volg je eerst een training.
Hierbij leer je:

  • bijeenkomsten organiseren
  • mensen werven voor je bijeenkomst
  • presenteren
  • gesprekstechnieken
  • een groep mensen activeren en laten nadenken
  • interculturele communicatietechnieken
  • professionals uitnodigen
  • een helder verslag maken

Bekijk hier een filmpje over het training.


Een thema kiezen

Het onderwerp van je bijeenkomst bepaal je zelf, in overleg met je begeleider. Er zijn twee mogelijkheden:

  • Je kiest voor participatie. Het doel is dan om uiteindelijk ook een concrete activiteit te organiseren.
  • Je kiest voor beeldvorming over culturele diversiteit. Dan kies je een onderwerp en gaat daarmee aan de slag, met als doel bewustwording.

Je kunt het beste een onderwerp kiezen dat dicht bij jouw eigen belevingswereld ligt, of bij de groep mensen die je hierbij wilt betrekken. Denk aan onderwerpen op het gebied van zorg, sport, veiligheid in de wijk, onderwijs of de arbeidsmarkt. Voordat de eerste huiskamerbijeenkomst begint inventariseer je alvast hoe de deelnemers over dit onderwerp denken.

Kijk voor meer informatie over onderwerp onder Voorbeelden

Uitvoering

Mensen werven

  • je nodigt zelf mensen uit voor de bijeenkomst (familieleden, buren, kennissen of een andere doelgroep)
  • je houdt de bijeenkomsten bijvoorbeeld in een buurthuis, schoollokaal of huiskamer.
  • je vraagt de deelnemers van te voren na te denken over het thema zodat iedereen voorbereid is.

Eerste bijeenkomst

  • je geeft eerst een presentatie.
  • daarna breng je de discussie op gang.
  • je bespreekt met elkaar wat de problemen of wensen zijn.
  • je laat mensen nadenken over wat zij zelf kunnen doen en waarvoor zij hulp van anderen nodig hebben.
  • je maakt een verslag van de bijeenkomst.

Tweede bijeenkomst

  • je nodigt dezelfde mensen uit.
  • je nodigt ook een of meer professionals uit.
  • je laat de deelnemers vertellen waar zij mee zitten.
  • je zoekt samen met de professionals te zoeken naar mogelijke oplossingen.
  • je maakt concrete afspraken over een vervolg.
  • je maakt een verslag van de bijeenkomst.

Einde project

  • het project wordt afgesloten met een bijeenkomst of activiteit met alle studenten.
  • je ontvangt een certificaat van deelname.

Wat heb je geleerd?

  • je hebt de gekozen doelgroep leren kennen.
  • je hebt je netwerk uitgebreid door de contacten met maatschappelijke instellingen of de gemeente.
  • je hebt geleerd als gespreksleider op te treden.
  • je hebt geleerd hoe je een groep kunt activeren of na kunt laten nadenken over een thema.
  • je hebt geleerd projectmatig te werken.

Onder Voorbeelden en Downloads kun je lezen wat de ervaring van anderen was en vind je voorbeeld verslagen en documenten.

Veel gestelde vragen

Hoe kan ik het beste mensen werven voor een bijeenkomst?

  • Er is niet een manier die het beste is, kies de manier die voor jouw doelgroep het best passend is (oudere mensen hebben bijvoorbeeld vaak geen email en om mensen die gebrekkig Nederlands spreken te bereiken zal bellen niet de beste optie zijn). Een regel is: leg duidelijk uit wat jouw bedoeling is en zorg dus dat je dit voor jezelf ook helder hebt (datum, tijd, doel…).

    Een persoonlijke benadering werkt vaak het beste. Mensen voelen zich dan meer betrokken dan wanneer ze een email krijgen.
    Bij participatie: inventariseer eerst waar je deelnemers behoefte aan hebben. Als je duidelijk maakt dat je een thema bespreekt wat er voor hen toe doet worden mensen sneller enthousiast. Bij beeldvorming: leg duidelijk uit wat je bedoeling is en wat je wilt bespreken, dan worden de deelnemers tijdens de bijeenkomst niet verrast.

 

Hoe weet ik welke professional het beste bij mijn thema past?

    • Vaak levert even zoeken op google al bruikbare informatie op, maar bespreek dit ook met anderen, vaak kom je er dan achter dat je via via al enkele professionals kunt benaderen. Je eigen netwerk is vaak groter dan je denkt! Je kan ook hulp aan medestudenten vragen of aan je docent. Door de organisatie waar de professional werkt te bellen en te vragen wat ze allemaal doen kan je inschatten of de professional een aanvulling kan zijn. Je kan ook bijvoorbeeld alvast voorleggen welke vragen er door de deelnemers zijn gesteld en dan beoordelen of de organisatie of professional zelf een toegevoegde waarde is.

 

Waar moet ik op letten bij het benaderen van een professional?

  • Wanneer je weet wie je wilt benaderen kun je het beste meteen actie ondernemen! Hoe eerder je erbij bent, hoe groter de kans dat de professional nog een gaatje voor je vrij heeft. Probeer de professional direct te benaderen (bellen, langs gaan) en leg uit wat je van hem/haar verwacht maar ook wat het voor hen kan opleveren. Vooral dat laatste maakt duidelijk wat het belang voor de professional is. Denk hier van te voren over na en maak bijvoorbeeld een lijstje wat je mee kunt nemen.
  • Het uitnodigen van een professional oefen je ook in de trainingen. Belangrijk is dat je een goede taakverdeling maakt met de professional. Denk ook aan het vragen en geven van contactgegevens. Succes!

 

Ik weet niet welk thema ik wil bespreken in mijn huiskamerbijeenkomst.

  • Kies je voor participatie: inventariseer dan eerst wat er speelt onder je doelgroep. De keuze hiervoor komt voordat je je thema vastlegt! Een thema van te voren bedenken heeft als risico dat je al een uitgewerkt idee hebt, bijvoorbeeld een sportdag voor wijkbewoners organiseren, terwijl de bewoners de veiligheid misschien een belangrijker thema vinden.
  • Als je voor beeldvorming kiest: lees de bijlagen van het handboek om ideeën op te doen. Ook kun je op www.forum.nl kijken voor meer inspiratie. Denk ook terug aan eigen ervaringen (of binnen je omgeving) van discriminatie of verschillen van mening hierover. Of bijvoorbeeld aan gebrek aan kennis over een andere cultuur of religie. Wat vind jij belangrijk om te weten of om bespreekbaar te maken?

 

Ik denk dat niemand naar mijn bijeenkomst wil komen. Wat kan ik doen?

  • Het werkt het beste als je thema goed aansluit bij je doelgroep. Eerst inventariseren wat er speelt bij een groep jongeren, ouderen, vrouwen, wijkbewonersof een andere groep is erg belangrijk. Dan weet je wat de behoefte is en kun je daar bij aansluiten. Zo laat je zien dat je betrokken bent en echt wat kunt betekenen voor je doelgroep.
  • Daarnaast kun je je richten op bekenden in je omgeving zoals familie of buurtbewoners. Deze mensen kennen je of zitten in dezelfde situatie (bijvoorbeeld een onveilige verkeerssituatie in de buurt)  en zijn natuurlijk eerder geneigd om ook iets voor jou te doen, maak daar gebruik van!
    Heb je ook aan ‘kralen en spiegeltjes’ gedacht (zie handboek p. 21)?

 

Waar moet ik mijn bijeenkomst houden?

  • Zorg voor een ruimte waar iedereen kan zitten en waar je niet te veel last hebt van omgevingsgeluiden. Met de term ‘huiskamerbijeenkomst’ bedoelen we niet een huiskamer per se maar een informele setting. Gebleken is dat mensen zich dan sneller op hun gemak voelen en daardoor meer hun stem laten horen. Je kan ook denken aan het buurthuis, een klaslokaal of bij een sportvereniging.

 

Mijn deelnemers aan de huiskamerbijeenkomst spreken gebrekkig Nederlands, hoe kan ik ervoor zorgen dat ze niet alleen maar in hun eigen taal praten?

  • Als je niet dezelfde taal spreekt, probeer dan te voorkomen dat de deelnemers een andere taal spreken. Maak aan het begin van de bijeenkomst op een beleefde manier duidelijk wat de voertaal is en waarom. Wanneer mensen toch afwijken van de voertaal kun je hen hier op een beleefde manier op wijzen en aangeven waarom jij dat niet prettig vindt (beschuldig dus niet de ander, zie handboek p. 19).
  • Als je deelnemers geen Nederlands kunnen spreken kun je proberen om een tolk te regelen. Dit kun je natuurlijk aan een echte professional vragen, maar wie weet spreekt een medestudent wel meerdere talen? Als je er niet uitkomt kun je ook je docent om hulp vragen.

 

Mijn professional is niet komen opdagen, wat moet ik nu doen?

  • Ga na of je wel echt duidelijke afspraken hebt gemaakt met de professional, wist hij of zij waar en wanneer de bijeenkomst gepland was? Zoek contact en vraag wat de reden voor zijn of haar afwezigheid was. Leg in je rapportageformulier uit wat er gebeurd is en wat er bij een eventuele volgende keer anders geregeld moet worden om dit soort vergissingen te voorkomen.
  • Het is natuurlijk voor je deelnemers ook een grote teleurstelling. Probeer het alsnog voor hen goed af te sluiten door afspraken te maken. Inventariseer ook waar de grootste behoefte aan is en regel hier alsnog een (korte) bijeenkomst met een professional voor. Overleg ook even met je docent!